BlogpostsTaalweetjes

Kunnen we het Nederlands makkelijker maken?

Kunnen we het Nederlands makkelijker maken

Taalnerds opgelet: leuke podcast-alert! ‘Het leuke van taal is dat je er ook over kunt praten’. Vinden wij nou ook! Taalkundige Marc van Oostendorp sprak onlangs in een podcast over het Nederlands. Is het echt zo’n moeilijke taal? En kunnen we het Nederlands makkelijker maken? Hij ging in gesprek met Robin Rotman (BNR) en Frank Beijen).

De hele podcastuitzending kun je hier terugluisteren. Wil je geen spoilers? Luister dan vooral!
Je mag natuurlijk ook gewoon hier lezen of we het Nederlands makkelijker kunnen maken.

Taal makkelijker maken: dat vinden wij natuurlijk ook heel interessant. Wij pleiten al lang voor ‘waarom moeilijk doen, als het makkelijk kan’. Liever spreektaal dan schrijftaal, het liefst zo min mogelijk overbodige woorden en ouderwetse uitdrukkingen. Maar hoeveel invloed hebben we nu écht op de verandering van de taal? Kunnen wij het Nederlands zelf makkelijker maken?

De presentatoren van de podcast zien het al helemaal voor zich: iedereen praat uiteindelijk een stuk Rotterdamser: ik loopt, jij loopt, hij loopt, wij loopt. Hoewel taalkundige Van Oostendorp (van het Meertens Instituut en de Radboud Universiteit) dat nog niet zo’n vaart ziet lopen, merkt hij wel dat taalveranderingen vaak in grote steden met veel migratie ontstaan.

Hoe meer afgezonderd, hoe complexer de taal

Hoe geïsoleerder een gemeenschap, hoe complexer de taal vaak is. Van Oostendorp merkt bij zijn onderzoek naar dialecten dat veel traditionele dialecten bijvoorbeeld nog vaak het verschil kennen tussen mannelijk en vrouwelijk en ingewikkelde werkwoordsuitgangen hebben. Hij geeft het voorbeeld van een stam in de Amazone. Zij spreken een taal, spreken die steeds sneller uit, slikken letters in, waardoor generaties na hen die klanken niet meer als losse woorden, maar als naamvallen gaan gebruiken. Een complex systeem van klanken ontstaat dat voor een buitenstaander bijna niet te ontcijferen is (voor een uitgebreidere uitleg van dit voorbeeld, luister de podcast!).

Het makkelijkste van twee werelden

Maar als je diverse talen of dialecten bij elkaar zet, ziet de nieuwe generatie (kinderen dus) geen systeem meer in alle klanken en ontwikkelt zich vanzelf een systeem van ‘de gulden middenweg’. Moeilijke constructies vervallen dan vrijwel automatisch. Dus wanneer je mensen met verschillende talen bij elkaar zet, gebeurt er iets wonderlijks: in de loop der tijd wordt de taal makkelijker.

Van Oostendorp noemt ‘hun hebben’ als voorbeeld. Vele taalfanaten krijgen er kromme tenen van, maar het feit dat we ons er aan ergeren, is ook een bewijs dat het veelvuldig gebruikt wordt. De laatste paar decennia neemt het gebruik echter explosief toe. Het komt in steeds meer steden voor en gaat als een olievlek om de steden heen uitbreiden. Taal verandert de hele tijd.

Dus: kunnen we het Nederlands makkelijker maken?

Helaas. Wij kunnen de taal zelf niet bewust veranderen, stelt de taalkundige. Taal is niet maakbaar, bewust kun je er nauwelijks iets aan doen. Je kunt de taal dus niet makkelijker maken, maar hij wordt uiteindelijk wel makkelijker. Die vereenvoudiging komt vanzelf. Vooral in een land als het onze, waar veel invloeden van buitenaf zijn, is de situatie gunstig voor taalverandering.

Op de taal en langzame taalverandering hebben we weinig invloed. Gelukkig kunnen we wel zelf bepalen wat we ermee willen zeggen!

Meer leuke taalweetjes?

Vind je het leuk om vaker taalnieuws te lezen? Bijvoorbeeld over mensen die kleuren zien in letters of over waarom Donald Trump praat als een 10-jarige? Schrijf je dan hieronder in voor onze nieuwsbrief en mis niks meer!

Deel dit bericht