BlogpostsTaalweetjes

Taal lééft, ook die in Sinterklaasliedjes

sinterklaasliedjes

In een eerder blog over jongerentaal zeiden we het al: ‘Niks zo mooi als een vak dat altijd in beweging blijft.’ En hoe leuk is het als je je liefde voor je vak af en toe mag combineren met grappige weetjes? Gewoon omdat het kan? Daarom in dit blog: een kijkje in de evolutie van taal in sinterklaasliedjes!

De nieuwste versie van sinterklaasliedjes

Sinterklaas gaat met zijn tijd mee: op televisie en in de liedjes. Hij is niet langer een Oud-Testament-goedheiligman die stoute kindjes in de zak mee laat nemen naar Spanje. Piet is een vriend, geen knecht meer. En waarom we nu gewoon ‘Piet’ zeggen, is je vast ook niet ontgaan.

In 2014 kwam het liedjesboek ‘Sinterklaasje, kom maar binnen met je Piet’ uit, met gemoderniseerde liedjes. Oud speelgoed als kaatsenballen moet wijken en zinnetjes om kinderen bang te maken, zijn verbannen. Ook de zak en de roe zijn verdwenen en Piet is geen knecht meer. Toch hebben de schrijvers niet álles gewijzigd: kapoentje en makkers, staakt uw wild geraas bestaan nog steeds. Waarschijnlijk vanwege de prominente plek die de woorden innemen in de liedjes. Maar of iemand nog écht weet wat een kapoentje is?

In ‘Oh, kom er eens kijken’ is vooral het speelgoed gemoderniseerd:

Een pop met vlechten in het haar.
Een snoezig jurkje, kant en klaar
En kaatsenballen in een net
Een letter van banket.

is sinds 2014 steeds vaker:

Een pop met vlechten in het haar.
Een toverdoos voor een goochelaar.
En chocomunten in een net.
Een letter van banket.

En wie ooit ‘de koek krijgt, wie de gard’, hoeft niet langer bang te zijn:

Vol verwachting klopt ons hart
’t Grote feest gaat weer van start

Uiteraard heeft Piet inmiddels ook een vriendelijkere rol gekregen:

De nieuwe versie van

‘Sinterklaasje kom maar binnen met je knecht
Want we zitten allemaal even recht’

luidt

‘Sinterklaasje, kom maar binnen met je Piet,
want we zingen allemaal blij een lied’

Nog een voorbeeld van de modernste tekstwijzigingen:

Zijn knecht staat te lachen en roept ons reeds toe
Wie zoet is krijgt lekkers, wie stout is de roe

Werd

Kijk, Piet staat te lachen en roept naar de kant:
‘Ik heb genoeg lekkers voor heel Nederland!

Sinterklaasliedjes over het huwelijk

Hoewel veel sinterklaasliedjes sinds het midden van de negentiende (!) eeuw niet meer écht veranderd waren, vonden daarvoor nog wel regelmatig thematische wijzigingen plaats. De liedjes reflecteren zo hoe er over Sinterklaas en het feest werd gedacht.

De oudste Sint-Nicolaasliedjes die we kennen, komen al uit de zestiende eeuw. Toen waren het vooral nog liedjes over de heilige Nicolaas en de goede daden die de bisschop uit Turkije deed. Vanaf 1700 werd Sinterklaas steeds vaker gezien als matchmaker (Whut?!). Mensen vroegen de heilige Nicolaas om een huwelijkspartner. In een lied dat waarschijnlijk voor het eerst in 1654 werd opgeschreven, vraagt een vrouw of ze in plaats van lekkers of speelgoed niet liever een man kan krijgen:

Niet om Soetekoek of Vygen,
Of om Kinders Poppe-goed,
Laat my maar een Vrijer krijgen

Kun je je voorstellen dat iemand dat nu nog op zijn verlanglijstje schrijft?

Halverwege de negentiende eeuw werd Sinterklaas steeds meer een kinderfeest en kwamen er dus meer kinderliedjes bij kijken.  Sinterklaas kwam ineens uit Spanje, met een stoomboot. Hij had een paard en een knecht. De liedjes uit Sint Nikolaas en zijn knecht uit 1850 vormden lang de basis van veel van de liedjes die we nu nog zingen.

Hoewel de geüpdatete versie voor kinderen natuurlijk veel begrijpelijker is, danken wij toch ook een deel van onze nostalgische woordenschat aan oude liedjes. Hoe hadden we anders ooit geweten van een tabberd, appeltjes van oranje of bromtollen?

Deel dit bericht