Skip to main content
Blogposts

Welke woorden moet je nou aan elkaar schrijven?

By maart 17, 2020april 1st, 2021No Comments

Welke woorden moet je nou aan elkaar schrijven?

Welke woorden moet je nou aan elkaar schrijven?

Leestijd 6 minuten
Geschreven door Els

Leestijd 4 minuten
Geschreven door Els

Een nachtmerrie voor veel schrijvers: welke woorden horen nou aan elkaar geschreven te worden? En welke schrijf je met spaties? Hoe zit het bijvoorbeeld met Engelstalige woorden? En waarom brengt de spellingscontrole me alleen maar verder in verwarring? Om je een beetje op weg te helpen: deze woorden moet je aan elkaar schrijven (en deze juist niet!).

In de Nederlandse taal hebben we eigenlijk één heel gemakkelijke  regel: we schrijven zoveel mogelijk aan elkaar. Ook woorden die uit drie, vier of vijf delen zijn samengevoegd. Denk maar aan de hottentottententententoonstelling. Oké, die is misschien erg extreem. Maar rodewijnglas is wel een goed voorbeeld, dat schrijf je aan elkaar! Zie je het verschil tussen het rodewijnglas (een glas voor rode wijn) en het rode wijnglas (een rood glas waar wijn in kan)?

Tip: twijfel je? Bedenk hoe je het woord zou zeggen en dan weet je meteen of het één of twee woorden zijn. Voorbeeldje? Bij rodewíjnglas ligt de klemtoon op wijn. Het is één woord, dus je krijgt één klemtoon. Bij róde wíjnglas heb je twee klemtonen (op rood en op wijn). Dat schrijf je dus als twee woorden.

Deze woorden schrijven we aan elkaar, met koppelteken

Het Nederlands zou het Nederlands niet zijn, als we niet honderdduizend uitzonderingen hebben op de regel om alles zoveel mogelijk aan elkaar te schrijven. Want wat denk je van een ‘-‘, een koppelteken? Dat gebruiken we bijvoorbeeld als

  • Je twee woorden samenvoegt met héél veel klinkers, zodat je het niet verkeerd kunt lezen.
    Radio-uitzending, camouflage-overhemd, auto-uitlaat
    Je mág altijd koppeltekens toevoegen als je denkt dat je woord daardoor makkelijker leesbaar wordt. Maar doe dit niet te vaak, dan voorkom je een door-de-bomen-het-bos-niet-meer-situatie.
  • Dat is meteen de volgende situatie: je gebruikt koppeltekens ook in een samenstelling met een zin. Nog een voorbeeld:
    Hij gaf me een wat-maak-je-me-nou-blik. 
  • Gebruik je een afkorting of een teken in je samenstelling, dan is een koppelteken ook handig. Denk daarbij aan
    65+-tarief, dvd-speler of 230V-stekker 
  • En dan heb je nog vaste woordgroepjes die samen één betekenis hebben. Ook daar gebruik je koppeltekens:
    Een kant-en-klaar-maaltijd, het staakt-het-vuren, nek-aan-nek.
    Bij deze woorden geldt wel weer: voeg je ze samen met nóg een woord, dan geldt de normale samenstellingsregeling. Je schrijft ze dan weer zoveel mogelijk aan elkaar: nek-aan-nekrace, staakt-het-vurengesprekken.

 Ook Engelse leenwoorden moet je aan elkaar schrijven

In het Engels worden héél véél woorden los geschreven: sales manager, business unit, last minute. Maar gebruik je die leenwoorden in het Nederlands, dan geldt gewoon de Nederlandse taalregel: zoveel mogelijk aan elkaar! Wij zijn dus gewoon salesmanagers die werken in een businessunit en lastminute een meeting hebben. (Maar tip: er zijn ook Nederlandse alternatieven voor deze woorden).

Spellingscontrole en woorden aan elkaar schrijven

Denk je het eindelijk door te hebben, gooit de spellingscontrole weer roet in het eten. Laat je niet van de wijs brengen! Word en andere tekstverwerkers herkennen veel samenstellingen niet als zodanig. Waarschijnlijk omdat de opties eindeloos zijn en niet álle woorden in de spellingscontrole zijn ingevoerd. Nee, dit is geen gevalletje eigenwijze-tekstschrijver-denkt-het-beter-te-weten. De spellingscontrole is écht niet heilig. Vertrouw op je instinct én bovenstaande regeltjes en dan komt het helemaal goed!

Meer taal- en schrijftips ontvangen? Schrijf je in voor de nieuwsbrief!

×

Hoi!

Wil je meer weten over Letterdesk, kunnen wij je ergens mee helpen of wil je gewoon eens kennismaken? App ons door hieronder op een van onze collega's te klikken!

× App ons!